Snelle levering in Nederland & België
AED- & BHV-expert
Al 25.000+ AED's geleverd
Totaalleverancier in EHBO & BHV

Bedrijfshulpverlening & EHBO

    Wat voor opleiding moeten BHV-ers volgen?

    De Arbowet schrijft niet precies voor welke opleiding BHV-ers moeten volgen. De werkgever is wel verplicht om er voor te zorgen dat BHV-ers hun wettelijke taken kunnen uitvoeren. Het NIBHV heeft hier richtlijnen voor opgesteld. De basiscursus duurt standaard twee dagen, de herhalingscursus duurt standaard 1 dag. Het is ook mogelijk om een versnelde cursus te volgen, echter deze voldoet dan niet aan de richtlijn (maar dus wel aan de wet, want hier staat alleen in dat er ieder jaar een BHV-cursus moet worden gevolgd). Deze duurt 1 dag voor de basiscursus en een halve dag voor de herhalingscursus. BHV-ers dienen in het eerste jaar een basiscursus te volgen, daarna dient ieder jaar een herhalingscursus gevolgd te worden.

    Het is ook raadzaam om een BHV opleiding te volgen gericht op de risico’s binnen een bedrijf. De eisen aan een BHV’er zijn namelijk afhankelijk van de risico's in het bedrijf. Het is duidelijk dat een kantooromgeving andere risico’s kent dan een houtzagerij, daar zal de juiste BHV opleiding op gekozen moeten worden.

    Is het verplicht om een verbanddoos te hebben?

    Ja, in de Arbowet staat dat de werkgever moet zorgdragen voor een veilige werkomgeving en de bedrijfshulpverleners moet uitrusten met de benodigde middelen die de gevolgen van ongevallen zoveel mogelijk beperken. Hier valt ook een verbanddoos onder.

    Welke richtlijnen gelden voor verbanddozen?

    In de Arbowet staat niet exact aangegeven hoe de inhoud van de verbanddozen eruit moet zien. Echter, het Oranje Kruis heeft richtlijnen opgesteld voor de inhoud. Het is ten zeerste aan te raden om voor een verbanddoos te kiezen die voldoet aan de richtlijnen van het Oranje Kruis. Daarnaast moet er gekeken worden naar het type en de grootte van het bedrijf. Zo zijn er Sport verbanddozen en HACCP verbanddozen beschikbaar.

    Hoeveel verbanddozen moeten binnen een organisatie aanwezig zijn?

    Het is niet wettelijk in de Arbowet vastgesteld hoeveel verbanddozen er aanwezig moeten zijn. Echter, staat wel vermeld dat er bij een ongeval binnen 3 minuten hulp moet kunnen worden geboden. In de praktijk komt dit er op neer dat een verbanddoos binnen 30 seconden te bereiken moet zijn. Hoeveel verbanddozen er uiteindelijk geplaatst moeten worden is afhankelijk van de omvang, bezetting en het aantal verdiepingen van een organisatie. Dit exacte aantal wordt dan ook in een RI&E bepaald.

    Hoe vaak moet een verbanddoos onderhouden worden en wat houdt dit onderhoud in?

    Een verbanddoos moet compleet zijn om eerste hulp te kunnen bieden. In de praktijk wordt een verbanddoos vaak één keer per jaar gecontroleerd, schoongemaakt en bijgevuld. Ook moeten dan de artikelen waarvan de houdbaarheidsdatum is verstreken worden vervangen.

    Defibrion biedt verschillende mogelijkheden voor het onderhoud aan uw verbanddozen. Vaak wordt dit gecombineerd met een onderhoudsbezoek voor andere veiligheidsmiddelen, zoals brandblussers of een AED. Lees meer hierover op onze speciale pagina

    » Verbanddoos onderhoud

    Hoeveel nooduitgangen zijn noodzakelijk?

    De ARBO heeft dit duidelijk omschreven. Alle werkruimten moeten in geval van nood snel kunnen worden verlaten door meerdere (nood)uitgangen. Hiertoe moeten deze ruimten zijn voorzien van minimaal twee zover mogelijk uit elkaar gelegen uitgangen. De afstand die in een ruimte moet worden afgelegd om een uitgang te bereiken, mag niet meer bedragen dan 30 meter. De uitgangen dienen te leiden naar twee verschillende wegen, waarlangs men de begane grond buiten het gebouw kan bereiken. Let er op dat alle nooduitgangen toegankelijk zijn zonder dat er iets verschoven hoeft te worden of dat er een sleutel gehaald hoeft te worden. Daarnaast is het verplicht dat er een plattegrond aanwezig waarop is aangegeven waar men zich bevindt en welke vluchtroutes gebruikt kunnen worden.

    Is noodverlichting verplicht?

    Ja, in het Arbobesluit staat dat als vluchtwegen en nooduitgangen bij het uitvallen van verlichting slecht zichtbaar zijn dat noodverlichting dan verplicht is. Vluchtwegen moeten te allen tijde zijn verlicht. Daarnaast moeten vluchtwegen die niet dienen als normale uitgang aan de binnenkant zijn aangeduid door de bekende groene bordjes met pijlen/pictogrammen.

    Welke verschillende typen noodverlichting zijn er?

    Noodverlichting is in te delen in de volgende categorieën:

    • Vluchtrouteverlichting, deze bestaat uit twee onderdelen
    1. Vluchtwegverlichting is het deel van de noodverlichting dat de vluchtwegen verlicht. Deze armaturen branden enkel in het geval van een stroomstoring.
    2. Vluchtwegaanduiding. Dit zijn de noodverlichtingsarmaturen die vluchtwegen en uitgangen voor het verlaten van een gebouw aanduiden. Deze armaturen zijn voorzien van een pictogram en dienen permanent te branden.
    • Anti-paniekverlichting: Anti-paniekverlichting voorkomt paniek en maakt obstakels in de ruimte zichtbaar en stelt de personen in staat een plaats te bereiken waarvandaan de vluchtroute vervolgd kan worden.
    • Verlichting van werkplekken met een verhoogd risico: Dit omvat het deel van de noodverlichting dat verlichting levert voor de veiligheid van personen, betrokken in een mogelijk gevaarlijk proces of een mogelijk gevaarlijke situatie. Daarnaast wordt het gebruikt voor werkplekken waar een mogelijk gevaarlijk proces moet worden afgesloten zoals werkplekken waarbij sprake is van draaiende delen, zuurbaden, hete of zeer brandbare materialen. Denk aan bijvoorbeeld zaagmachines, keukens en laboratoria.

    Is onderhoud aan noodverlichting verplicht?

    Het Gebruiksbesluit bepaalt dat een noodverlichtingsinstallatie minstens één keer per jaar op adequate wijze moet worden gecontroleerd en onderhouden. De eigenaar en/of gebruiker van de installatie zal een erkend deskundige moeten aanwijzen om de installatie te controleren, te onderhouden en alle daartoe noodzakelijke werkzaamheden uit te laten voeren.

    Zijn evacuatiemiddelen verplicht?

    Evacuatiemiddelen, zoals een evacuatiestoel of een evacuatiematras zijn niet expliciet genoemd in de Arbowet. Wel staat hierin aangegeven dat de werkgever de verplichting heeft om te voorzien in een veilige evacuatie voor iedereen. Ook is omschreven dat het bedrijf rekening moet houden met bijzondere risico's die gekoppeld zijn aan kwetsbare medewerkers. Dit zijn bijvoorbeeld rolstoel gebruikers, zwangere vrouwen, gebruikers van medicijnen, gehandicapten of ouderen. Aangezien tijdens bijvoorbeeld een brand de lift niet gebruikt mag worden, kan het voor deze mensen lastig zijn om veilig te evacueren. Maar denk ook aan stroomstoring of storing met de lift. Een evacuatiestoel of een evacuatiematras is dan een goede oplossing.